Sensoren in klimaatinstallaties staan continu bloot aan de omgevingslucht. Die lucht bevat meer dan alleen de stoffen die u wilt meten. Stof, vet, chemische dampen en condensatie kunnen allemaal invloed hebben op uw meetnauwkeurigheid. Vervuiling van sensoren is een veelvoorkomende oorzaak van afwijkende metingen en verkeerde regelacties. In dit artikel leest u welke effecten vervuiling heeft op vocht- en gassensoren en wat u eraan kunt doen.
Waarom is vervuiling van sensoren een probleem?
Een sensor meet alleen betrouwbaar als het meetelement goed contact heeft met de omgevingslucht. Zodra er een laagje stof of vet op het oppervlak zit, verandert de meetwaarde. Bij een temperatuursensor merkt u dat nog vrij snel op. Maar bij vocht- en gassensoren is het effect soms subtiel. De afwijking bouwt langzaam op en voor u het weet stuurt uw regelsysteem op verkeerde waarden.
Het gevolg? Ventilatie die te laat of te vroeg aanslaat. Energieverspilling. Of een binnenklimaat dat achteruitgaat terwijl uw BAS meldt dat alles in orde is.
Wat veroorzaakt vervuiling van een vochtsensor?
Een vochtsensor meet de relatieve luchtvochtigheid via een vochtgevoelig element. Dit element is kwetsbaar voor diverse vormen van vervuiling. De meest voorkomende:
Stof en fijne deeltjes
Stof en fijne deeltjes vormen een laagje op het sensoroppervlak. Dit vertraagt de reactietijd van de sensor en kan de meetwaarde permanent beïnvloeden. In productieomgevingen met veel stofvorming is dit een bekend probleem.
Condensatie
Condensatie ontstaat als de sensor zelf kouder is dan de omgevingslucht. Er vormt zich dan vocht op het meetelement. Bij herhaaldelijke condensatie kunnen mineralen achterblijven. Dit tast de sensor op termijn aan.
Chemische dampen
Chemische dampen reageren soms met het sensormateriaal. Schoonmaakmiddelen, oplosmiddelen of industriële processen kunnen vluchtige stoffen afgeven die de vochtsensor aantasten. Vooral goedkopere sensoren kunnen hier gevoelig voor zijn.
Vettige dampen
Vettige dampen uit keukens of productieprocessen vormen een film op de sensor. Deze film is lastig te verwijderen en beïnvloedt de meting blijvend.
Wat veroorzaakt vervuiling van een gassensor?
Gassensoren, zoals CO₂-sensoren met NDIR-technologie, hebben andere kwetsbaarheden. Het meetprincipe bepaalt grotendeels waar de sensor gevoelig voor is:
Stof en condens op optische componenten
Bij NDIR-sensoren gaat infraroodlicht door een meetkamer. Vervuiling van de gassensor door stof of condens op de optische componenten verstoort deze lichtweg. De sensor geeft dan afwijkende waardes of begint te driften. Moderne sensoren hebben vaak een referentiekanaal dat dit deels compenseert, maar helemaal immuun zijn ze er nooit voor.
Siliconen
Siliconen zijn een bijzonder probleem voor veel gassensoren. Dampen van siliconenhoudende producten, zoals bepaalde kitten of smeermiddelen, kunnen de sensor permanent beschadigen. Dit is een valkuil bij nieuwbouw of renovaties waar deze materialen veel worden toegepast.
Agressieve gassen
Agressieve gassen buiten het normale meetbereik kunnen het sensormateriaal aantasten. Een CO₂-sensor die blootgesteld wordt aan hoge concentraties oplosmiddeldampen kan hier schade van ondervinden.
Hoe herkent u vervuiling van sensoren in uw installatie?
Vervuilde sensoren geven vaak signalen af voordat ze volledig uitvallen. Let op deze aanwijzingen:
- De meetwaarde wijkt structureel af van wat u op basis van de omstandigheden verwacht. Een CO₂-sensor die constant lage waarden geeft in een drukke vergaderruimte is verdacht. Net als een vochtsensor die onlogische schommelingen vertoont.
- De reactietijd wordt langer. Een schone sensor reageert binnen seconden tot minuten op veranderingen. Als die respons trager wordt, kan vervuiling de oorzaak zijn.
- Onderlinge meetverschillen tussen sensoren op vergelijkbare locaties zijn verdacht. Grote afwijkingen wijzen op een probleem met één van beide.
Hoe voorkomt u vervuiling van vocht- en gassensoren?
- De juiste sensorplaatsing is de eerste stap. Monteer sensoren waar ze representatieve lucht meten, maar weg van vervuilingsbronnen. Denk aan kookplaten, printers, chemicaliënkasten en luchtinlaten van buiten.
- Kies sensoren met de juiste beschermingsgraad. Voor stoffige ruimtes bestaan uitvoeringen met membraanfilters. Voor vochtige omgevingen zijn er modellen met betere condensbescherming.
- Periodiek onderhoud hoort erbij. Controleer sensoren visueel op zichtbare vervuiling en reinig ze volgens de voorschriften van de fabrikant. En neem kalibratie of vervanging op in uw onderhoudsschema.
De juiste sensor voor uw omgeving
De gevoeligheid voor vervuiling verschilt per sensortype en fabrikant. Sommige vochtsensoren hebben een betere bescherming tegen chemicaliën. Bepaalde gassensoren zijn beter bestand tegen stof. Het loont om bij de selectie rekening te houden met de specifieke omstandigheden in uw gebouw. Bij Betec Controls adviseren we u graag over sensoren die passen bij uw situatie. Neem contact op of bereik ons telefonisch: (055) 20 325 30.
Veelgestelde vragen over vervuiling sensoren
Hoe vaak moet u sensoren controleren op vervuiling?
Dat hangt af van de omgeving. In schone kantoorruimtes volstaat een jaarlijkse visuele controle. In productieomgevingen met veel stof of dampen is een kwartaalcontrole verstandiger.
Kan vervuiling van een sensor hersteld worden?
Soms wel. Lichte stofvervuiling kunt u vaak voorzichtig verwijderen. Bij chemische aantasting of condensatieschade is vervanging meestal de enige optie.
Waaraan merkt u dat een sensor vervangen moet worden?
Als de meetwaarde blijft afwijken na reiniging en kalibratie, of als de sensor traag reageert en dit na schoonmaken zo blijft, is vervanging aan de orde.










